
Geschiedenis
Sint-Nicolaas werd in 270 geboren in Pataras (Klein-Azië). Hij stierf als bisschop
Nicolaas van Myra op 6 december 340 in Myra en werd later vanwege zijn vele goede daden
heilig verklaard. Al voor het jaar 1000 was hij één van de meest algemeen vereerde
heiligen in de oosters en westerse kerk, een soort afspiegeling van de Christusfiguur.

In
de middeleeuwen ontwikkelt zijn sterfdag zich tot het kinderfeest zoals we het nu kennen.
Het begon met het kiezen van een bisschop en assistenten uit de arme kinderen van een
stad. Deze kinderen kregen tot 'Onnozele Kinderen' (28 december) eten en cadeaus (onder
meer schoenen). Lange tijd was er in het protestantse Nederland grote weerstand tegen dit gebruik, met name vanwege de
rooms-katholieke elementen. In een aantal Nederlandse plaatsen, waaronder Tiel, Grave en
Alkmaar werden openbare Sint-vieringen zelfs verboden tot groot protest van de bevolking.
Het oudste bewijs van een echt Sinterklaasfeest is teruggevonden in een middeleeuwse
Dordrechtse stadsrekening uit 1360. Later gaat men alle arme kinderen
trakteren, wat zich dan langzaam ontwikkelt tot een algemeen
volksgebruik, waarin schoeisel als vindplaats van snoep en geschenken
een belangrijke rol gaat spelen. Tot de 17de eeuw werd er meer over
Sint-Nicolaas gesproken en gezongen. Hij was bijvoorbeeld niet
zichtbaar in het straatbeeld en kwam ook niet zomaar op huisbezoek. Hij
was eerder een onzichtbare kindervriend, opvoeder en huwelijksmakelaar.
Pas rond 1845 treedt hij op in het openbaar, gekleed in zijn
bisschopskleren. Uit deze tijd stammen ook
de meeste van de Sinterklaasliedjes ('Zie ginds komt de stoomboot' staat bijvoorbeeld in
1851 in de versjesbundel 'St.-Nicolaas en zijn knecht' van J. Schenkman).

een prent uit de versjesbundel van Schenkman: deze prenten zouden ook
het uiterlijk van Sinterklaas en Zwarte Piet bepalen. Voor Schenkmans
boek durfde Sinterklaas er wel eens helemaal anders uitzien
Nog later wordt hij vergezeld door Zwarte Piet, die de
rol van bestraffer en boeman op zich neemt. Daarvoor was het eigenlijk
Sinterklaas zélf die met de roe rondliep.
In België wordt het
sinterklaasfeest bijna overal gevierd, maar toch is het niet algemeen.
Zo wordt in de Westhoek en de Denderstreek op 11 november Sint-Maarten
gevierd. In Mechelen bijvoorbeeld kent men op 11 november het Sinte Mette feest met heel eigen tradities.Ook dit feest heeft een Germaanse oorsprong: men bracht
dankoffers en brandde reinigende vuren om de vruchtbaarheid van het
land en vee te bevorderen. Nu is het in de eerste plaats een
kinderfeest, maar de bijbehorende legendes wijken af van die van
Sint-Nicolaas. Nog een verschil in culturen: in Vlaanderen en Nederland
zit Sinterklaas doorgaans op een schimmel, maar in Wallonië is het
gebruikelijker om hem af te beelden op een ezel.
In het friese stadje Grou kent men nog een andere sint namelijk Sint-Piter. Hij word gevierd op 21 februari en heeft de zaterdag daarvoor ook een aankomst per boot. Volgens de legende is Sin-Piter de broer van Sinterklaas en kregen ze een onenigheid waardoor Sint-Piter terug ging naar Spanje en pas op 21 februari terug was. Hij heeft ook een lange witte baard, draagt ook een mijter maar draagt geen rode tabberd enkel de witte albe en zijn staf is omwikkeld met rood en wit, en hij heeft net als Sinterklaas een zwarte knecht. Sint-Piter word enkel in Grou gevierd, Sinterklaas word in dit plaatsje zelfs niet gevierd. Voor wie meer wil weten over Sint-Piter: www.sintpiter.nl
LEGENDEN
De legenden over deze Sinterklaas zijn onuitputtelijk. Oudere lezers kennen ongetwijfeld
deverhalen van de drie ingepekelde kinderen die Sinterklaas tot leven wekte, de drie zusters
die hij van prostitutie weerhield, de drie schipbreukelingen die hij nog net wist op te vissen
en de drie soldaten - bij keizer Constantijn ten onrechte aangeklaagd - die hij onder zijn
bescherming nam.
Het cijfer drie is onlosmakelijk met Sinterklaas verbonden. De legenden vertellen dat
hij
bijna alles drie keer deed. Hij las drie maal dezelfde teksten voor, hij hief steevast
drie maal het
glas, hij bediende zich tijdens de maaltijden drie keer,enz.... .Deze vreemde voorkeur voor het
cijfer
drie heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat Sinterklaas een groot verdediger van de
drievuldigheidsleer was. "Laten we alles doen ter ere van de Vader, van de Zoon en
van de
Geest," zijn de enige woorden die van de heilige Nicolaas bewaard bleven.
Sinterklaas in heel de wereld:
Sinterklaas wordt voornamelijk in Nederland en België gevierd, maar ook onze
landgenoten in het buitenland worden niet vergeten in december
België
Sinterklaas tijdens zijn aankomst in Antwerpen voor ketnet in 2006
In België wordt het Sinterklaasfeest op 6 december gevierd en heeft
het feest een religieuzere betekenis dan in Nederland. Sinterklaas komt in verschillende steden aan, zit in winkelcentra of komt gewoon thuis. De traditie van het schoentje zetten blijft voortbestaan en op 6 december 's ochtends staat het speelgoed uitgestald.
Nederland

Sinterklaas bij zijn nationale intocht in Nederland voor de NPS in 2006
In Nederland viert men Sinterklaas op 5 december: de zogenaamde pakjesavond: hier doen ook volwassenen aan mee met surprises en gedichten. Sinterklaas is een heel groot feest in Nederland: de aankomst van de Sint word Nationaal uitgezonden op tv in een uitzending die tot de top van de kijkcijfers behoort.
Oost-Europa

de hongaarse versie: Mikulas
In Oost-Europa wordt op 5 december Sint-Nicolaas gevierd. Kinderen poetsen één van
hun laarzen op en zetten deze in de vensterbank van hun slaapkamer. Ze laten het raam open
om Sinterklaas naar binnen te laten. Elk kind krijgt twee poppetjes: een duiveltje omdat
ze soms stout zijn en een Sint-Nicolaaspop omdat ze ook vaak lief zijn.
Zwarte klazen
een Krampus
In sommige landen heeft Sint zeer naaste familieleden aan het werk gezet. Het Duitse
Oost-Friesland wordt bezocht door Sunnerklas en Ruprecht, en in Oostenrijk en Rome
verschijnen angstaanjagende zwarte Klazen. In Oostenrijk heet hij Krampus, een griezelig
heerschap met een bontjas en een duivelsmasker met een lange, rode tong. Krampus heeft een
rieten mand bij zich waar hij vroeger stoute kindjes in stopte, nu is de mand alleen nog
met snoep gevuld.
Zelfs in Nederland en met name op de waddeneilanden komen nog 'Sunderklazen'
voor: luidruchtige jongelui, onherkenbaar vermomd en met verdraaide stemmen. Ze dwalen
door de buurt, eten en drinken, jagen kleine kinderen de huizen in en vangen jonge
meisjes.
Sintegreef
Met Halfvasten (in maart) wordt In Vlaanderen Sintegreef gevierd. De avond voor de
naamdag van de Greef (=graaf) van Halfvasten mogen kinderen een mandje bij de schoorsteen
zetten. De volgende dag is het mandje gevuld met chocola en een palmpasenhaantje.
Santa Claus of kerstman

Santa Claus
De Kerstman is in feite een afstammeling van onze Sinterklaas. Nederlanders die zich in
1611 in Nieuw Amsterdam (USA) vestigden, brachten Sint-Nicolaas mee als beschermheilige
van het latere New York. Onze statige Sinterklaas veranderde door zijn optreden in
allerlei boeken, verhalen en gedichten en toevoeging van elementen uit allerlei culturen,
langzaam maar zeker in de goedlachse dikkerd met rendieren en slee zoals we hem nu kennen.
Joelman
Al sinds voorchristelijke tijden rijdt in Scandinavië rond de Kerst de Joelman in een
slee met rendieren. Zijn aanwezigheid geeft aan dat mensen in het voorjaar weer heer en
meester zullen worden over dieren en gewassen. De kerstman heeft hier toch ook wel wat gebruiken van overgenomen. de kerstman is dus een samensmelting van de Sinterklaastradities die door nederlandse immigranten in America kwam en de Joelman.
Spanje

In het 'moederland' van Sinterklaas wordt een soortgelijk kinderfeest gevierd met
Driekoningen (los tres reyes magos). Hierbij krijgen kinderen cadeautjes als ze lief zijn
en steenkool als ze stout zijn.
Germanen

Germaanse opeergod Wodan op zij achtbenig paard Sleipnir
De christelijke achtergrond verklaart misschien grotendeels het gedrag van onze
Goedheiligman, maar zijn uiterlijk en veel van zijn attributen heeft de Sint te danken aan
de oude Germaanse god Wodan. Deze reed hoog door de lucht en ging aan het eind van het
jaar rond om mensen te belonen of te straffen voor hun gedrag. Hij had een lange felrode
of asgrauwe baard en haren. Hij droeg een wijde wondermantel, een breedgerande hoed en
hield een speer in zijn hand. Hij werd bijgestaan door zijn trouwe knecht Eckart en reed
op de 8-potige schimmel Sleipnir.
Symboliek

Stoomboot:
Daar voelt hij zich thuis. Sint-Nicolaas redde in nood verkerende zeelieden
en is naast beschermheer van scholieren, huwbare jeugd, kooplieden en reizigers ook
patroon van de zeelieden. De stoomboot kwam erbij dankzij Jan Schenkman. Toen hij zijn versbundel schreef was de stoomboot modern.
Spanje:
Uit Spanje kwamen vroeger veel luxe artikelen en lekkers vandaan (en nu
dus nog in december).Denk maar aan de appelsienen en mandarijnen dit heeft alles met Spanje te maken.
waarom komt Sinteklaas uit Spanje?? Dit is heel simpel: vroeger zei men Sinterklaas komt uit een ver warm land. En Spanje was zowat het verste wat men zich kon inbeelden.

Schimmel:
Geleend van de Germaanse god Wodan. En vroeger was het zo dat hooggeplaatste personen op een wit paard reden. Dus Sint-Nicolaas ook.

Mijter:
waarschijnlijk een 'verbastering' van een Frygische muts (een oosterse,
godsdienstige hoofdbedekking), onder meer gedragen door bisschoppen

Staf:
symbool van de herdersstaf en kerkelijke macht 'Goedheiligman': Een
verbastering van "goet-hylik man" (= "goed-huwelijks man"), een titel
die Sint verdiende door te zorgen voor de bruidsschat van een paar arme meisjes.

Zwarte Piet:
Zoals iedereen wel weet werkt Sinterklaas niet alleen: hij wordt
vergezeld door een knecht, Zwarte Piet, die de zak met cadeautjes
draagt en door de schoorstenen kan kruipen om de pakjes in de schoenen
van de kinderen te stoppen. Zijn herkomst is heel vaag: volgens
bepaalde legendes was hij oorspronkelijk een demon die de door de
heilige gedwongen werd om enkel goede daden te verrichten. Zo is er ook
het verhaal over Piter, een Ethiopische wees die als slaaf na zijn
vrijlating uit dankbaarheid bij de oude bisschop in dienst is gebleven.
Een andere verklaring: tijdens de 17de en 18de eeuw vond de Europese
adel het heel sjiek om een Moorse knecht of page in dienst te hebben.
Kleine Italiaanse jongetjes deden lange tijd in het oude Europa dienst
als schoorsteenvegers; ze kropen voor hun werk door de rookkanalen.
Hiervoor hadden ze een roe nodig om de schoorsteen schoon te maken en
een zak om al dat roet in te verzamelen. Wodan had ook steeds twee zwarte raven bij zich, ook hier zou er een verband zijn met Zwarte Piet. Het pietenpak is het pak van de 16de eeuwse pages.
Nicodemus:
De oorspronkelijke handlanger van Sinterklaas, een bijbelgeleerde die
vooral 's nachts actief was. Omdat Nicolaas en Nicodemus tijdens de nachtelijke
avonturentochten niet betrapt wilden worden, gaf Sinterklaas aan het manusje-doet-al de
opdracht om zijn gezicht zwart te schilderen, dan zouden kinderen de pieterman (dit is: de
knecht) niet herkennen en kon hij, als een duvel uit een doosje, tevoorschijn komen en
weer verdwijnen.

de roe
Roe:
Berkentakken met bamboe of een lint eromheen, symbool van vruchtbaarheid en
daarnaast handig om de schoorsteen schoon te maken (wat gezien Piets uiterlijk misschien
niet de beste methode is). In deze tijd niet meer gebruikt tenzij enkel nog om de schoorsteen schoon te maken. De roe word al jaren verkeerdelijk aanzien als een slagwapen voor stoute kinderen.

Sint en Piet bij de schoorsteen
Schoorsteen:
Verbinding tussen mensen en de 'bovenwereld' waar geesten en goden
wonen (volgens de Germanen tenminste).
Speculaasfiguren:
Ook wel 'Vrijers' genoemd, kreeg je er één, dan had je een
aanbidder. Vroeger afbeeldingen van heiligen of van de Germaanse vruchtbaarheidsgodin
Freia.

pepernoten: althans zo noomt iedereeen dit, strict gezien zijn dit eigenlijk kruidnoten
Pepernoten:
Wederom een symbool van vruchtbaarheid, vroeger werden ze met
muntstukken gemengd die moesten herinneren aan de drie huwelijksbeurzen. In Belgie zijn de Chocolade munten nog steeds gekend. pepernoten zijn dan weer typisch Nederlands.

een marsepeinen stronk

Marsepein:
Amandelbrood met Indisch rietsuiker, in de Middeleeuwen als
geneesmiddel gebruikt. Het wilde zwijn was een Germaans symbool van de jacht en werd in
oude tijden regelmatig geofferd. Nadat de kerk dierenoffers verbood, werd het zwijn
vervangen door zijn achterneefje: het marsepeinen varken.
Suikergoed:
Vroeger vooral in de vorm van een hart. Net als de Vrijer een teken
van een aanbidder.

Chocolademunten:
Eén van de bekendste legenden over Sinterklaas vertelt dat hij
's nachts stiekem beurzen met goudstukken naar binnen gooide. Dit om te voorkomen dat een
vader zijn dochters de prostitutie instuurde om aan geld te komen voor een goede
bruidsschat.
Strooien:
liefst ongezien, ten teken van vrijgevigheid en bescheidenheid. Ook
weer te herleiden naar de legende van de drie huwbare meisjes.

Chocoladeletters:
vooral een Nederlandse traditie . Eetbare letters werden gebruikt op kloosterscholen in de
Middeleeuwen om kinderen te leren schrijven. Zodra ze een letter goed konden schrijven,
mochten ze als beloning de bijbehorende broodletter opeten. Een andere verklaring kan zijn
dat in de 19de eeuw mensen de Sinterklaascadeaus bedekten met een laken. Hierbovenop
legden ze de eerste letter (van brood) van het kind waarvoor de cadeaus waren bedoeld.
Chocolade letters werden ergens in de 19de eeuw geintroduceerd. Tot die tijd werden de
letters gemaakt van brood of banket. Germaanse kinderen kregen een runeteken cadeau bij
hun geboorte, een initiaal voor geluk. Ook deze traditie wordt gezien als voorloper van de
chocoladeletter.